​Fusies (en splitsingen)

De wet van 30 december 2009 voerde een nieuwe procedure in voor fusies en splitsingen bij vzw's. Deze procedure kreeg de naam "Titel IIIbis. Inbreng om niet van een algemeenheid of van een bedrijfstak".

Kenmerken en gevolgen

Zoals de omschrijving al doet vermoeden, gaat het hier niet om een fusie zoals we die kennen bij vennootschappen, maar om een procedure aangaande inbreng om niet (van een algemeenheid). Dit slaat bovendien enkel op het vermogen van de vzw.

Dit heeft een aantal belangrijke gevolgen:

  1. Er is geen ontbinding van rechtswege van de overgenomen vzw.
  2. Er is geen automatische doorstroming van leden van de overgenomen vzw naar de algemene vergadering van de overnemende vzw.
  3. Er is geen automatische overdracht van personeel.

Voordelen van de nieuwe procedure

De nieuwe procedure heeft wel een aantal voordelen ten opzicht van de 'oude' procedure: 

  1. Alle activa en passiva van de overgenomen vzw 'van rechtswege' worden overgedragen.
  2. De overdracht of inbreng is tegenwerpelijk vanaf de bekendmaking.
  3. Er is zekerheidstelling voor schuldeisers.
  4. Er is geen verplichte tussenkomst van een commissaris of accountant zoals bij een fusie tussen vennootschappen.

Keuzemogelijkheid

Vzw's zijn voor het doorvoeren van een fusie niet verplicht om de procedure van artikel 58 van de V&S-wet te volgen. Een fusie blijft nog altijd mogelijk via de 'oude' fusieovereenkomst, waarbij een fusie plaatsvindt zonder tussenkomst van de notaris.

Wanneer welke procedure toepassen?

Het is aangewezen de nieuwe procedure te volgen als er onroerende goederen aanwezig zijn bij de over te nemen vzw en/of als deze vzw veel contracten heeft afgesloten. Op de volgende subpagina's worden beide procedures omschreven en wordt nagegaan of er nog alternatieve procedures bestaan.